|
|

Wachten
in de matrix
V: Hoe bevrijden we
ons zolang we nog in de matrix moeten wachten?
A: Volkomen Vrijheid kan niet bestaan zolang nog één
van onze bewustzijnsvoertuigen mee vibreert met de frequenties van
de matrix, met dualiteit, met de illusie, met het niet-goddelijke
- want onwerkelijke - universum van ruimte en tijd. Volkomen Vrijheid
kan alleen volledig bereikt worden op het moment van verlichting/transfiguratie,
en dat houdt in een existentieel verdwijnen uit het tijdelijke universum.
Maar om de dingen wat draaglijker en zelfs wat zinvoller te maken,
zolang we nog in de matrix zitten, dan zullen we over een juiste levenshouding
en een juiste emotionele en mentale instelling moeten beschikken.
De geest dient erg waakzaam te zijn naar het ego-zelf dat in de matrix
vibreert. Hij moet helder en scherp onderscheid maken, als een zwaard,
terwijl het emotionele lichaam daarentegen juist geen onderscheid
moet maken tussen goed en slecht, juist en verkeerd, hemel en hel.
De geest moet onderscheid maken tussen wat Heilig is en wat gevallen.
Maar als het astrale lichaam ingaat op de schommelingen tussen verlangen
en afkeer, dan zal de hele menselijke microcosmos worden betrokken
bij de misleidingen van deze wereld.
We moeten dus geen enkel onderscheid maken met onze emoties, maar
alles dat op ons afkomt in volle acceptatie, berusting en lankmoedigheid
ontvangen, terwijl we tegelijk juist wel erg scherp onderscheid moeten
maken tussen wat werkelijk is en wat niet.
Slechts weinig mensen zijn in staat een dergelijke staat van balans
te vinden. En dat ìs ook niet mogelijk zolang iemand
zich nog identificeert met zichzelf als een afgescheiden wezen.
Nu is het zo dat er vandaag de dag veel mensen zijn die werken aan
dingen als acceptatie, vergeving, respect, enzovoorts. Dit is werk
op het astrale niveau van bewustzijn.
Ze werken dan aan het loslaten van ervaringen, ‘ze er laten
zijn’, en zelfs aan het vinden van God in alles. Dit is het
mystieke pad.
Zonder Gnostisch bewustzijn dat hun hoofdheiligdom verlicht, en dat
verkregen is via Kennis en juist Onderscheid, zullen zij echter nog
steeds niet volkomen helder kunnen zien. En daarom zijn zij dan nog
altijd niet klaar voor Verlossing, ongeacht hoezeer zij zich in mystieke
zin in balans hebben gebracht in hun astrale bewustzijn.
Zij zijn slechts halfbakken, halfrijp.
Zij zijn nog steeds betrokken bij het spel van de illusie, ze zijn
nog niet klaar met de dualiteit, en daarom kunnen zij op dit moment
de Ark van Christus nog niet binnentreden.
Zij zullen naar de fysieke wereld moeten terugkeren via het proces
van reïncarnatie om zo meer ervaring op te doen.
En de mens die wel Gnostisch begrip heeft, maar die op het astrale/emotionele
vlak geen vrede heeft gesloten met de matrix, ook hij zal moeten terugkeren.
Beide types hebben hun innerlijke mannelijk en vrouwelijke aspecten
nog niet in balans gebracht, en zullen niet naar het goddelijk Universum
kunnen terugkeren voordat dat wel het geval is.
De astrale of mystieke types zijn niet in staat onderscheid te maken
tussen de gevallen, de niet-goddelijke staat (de materiële, astrale
en mentale illusies) en het goddelijke Universum (de Werkelijkheid).
Zij kijken daarom naar een illusie, en vertrouwen er op dat die ook
goddelijk is, terwijl dat niet het geval is, zij is zelfs niet eens
werkelijk.
De Goddelijkheid bevindt zich juist pal achter de illusies
van de fysieke, astrale en mentale stof, maar vanwege gebrek aan ‘het
licht in het hoofd’ zijn de astrale types zich hier niet van
bewust. Ze kunnen het niet herkennen. Ze zijn mentaal niet voldoende
ontwikkeld.
De mens die wèl beschikt over een voldoende ontwikkelde en
verhelderde geest weet dat het allemaal illusie is, maar zijn astrale/vrouwelijke
kant moet de matrixillusie niet alleen volledig accepteren, maar hij
moet ook herkennen dat die uiteindelijk in het Goddelijke wortelt.
Lastig!
Het astrale moet zich niet laten beïnvloeden door verlangen of
afkeer, maar zich neutraal opstellen, transparant, stil; en het mentale
moet duidelijk zijn over wat illusie is en wat Echt.
Voor het overgrote deel van de mensen in de New Age spiritualiteit
geldt bijvoorbeeld (maar niet alleen voor hen, natuurlijk) dat zij
geen volledige en heldere Kennis hebben, en dus ook niet het Vermogen
tot Herkennen van het andere Koninkrijk, het goddelijke Universum,
waarvan dit fysieke universum slechts een vage reflectie is. Zij begrijpen
de aard van de twee universa niet: het Goddelijke en het tijdelijke,
maar toch zullen zij zich moeten verzoenen met het bestaan van die
twee.
Zij zijn daarom mentaal gevangen in hun gedachtewereld gebaseerd op
de reflectiesfeer* illusies, waarvan ze geloven dat die werkelijk
is, Goddelijk zelfs.
*De sferen van het hiernamaals die evenzeer een illusie
zijn.
Illusie is een begoocheling van de geest.
Het astrale lichaam moet dus geen onderscheid maken tussen hemel en
hel... dat wil zeggen binnen de illusie van dualiteit, maar de geest,
het mentale lichaam moet juist wel scherp onderscheid maken tussen
de Hemel van de werkelijke Goddelijkheid en de hel van de totale illusiewereld.
In de geest moeten we daarom beseffen dat alles hier in de matrix
een illusie is, terwijl we tegelijkertijd God in alles moeten zien
met onze astrale natuur.
Zo komen yin en yang in ons in balans.
Dus als iemand nog een afkeer heeft van de illusie, of er anderszins
emotioneel op reageert, dan is hij nog altijd niet klaar met de dualiteit,
ook al heeft hij de illusie wel mentaal begrepen.
En evenzo geldt dat als iemand tot op zekere hoogte vrede heeft met
de matrix, of als hij emotioneel in vrede leeft met de wereld, maar
het nog altijd als werkelijk beschouwt, als Substantieel, ook dan
is hij nog altijd niet klaar met de illusie en blijft hij dus een
gevangene van de matrix. Hij kan dan nog niet door de Genade van Christus
worden bevrijd van lijden aangezien hij zijn graal nog niet helemaal
gereed heeft.
We moeten de aard van het rijk van Lucifer* - de matrix - volledig
begrijpen, maar er desondanks volkomen vrede mee hebben.
*Lucifer - het onware licht
Zo werken de Vader- en Moederaspecten in onszelf harmonieus samen
als één geheel. Dan is het zoals Jezus zegt in het Evangelie
van Thomas: "Als we de twee tot één maken, dan gaan
we het Koninkrijk binnen".
Dit is hoe yin en yang samen uiting geven aan een gezonde innerlijke
relatie.
Zij begrijpen elkaar. En ze liggen niet met elkaar overhoop, maar
werken samen.
Toch lijkt het er op dat ze bij veel mensen wel degelijk met elkaar
overhoop liggen, en inderdaad is dat ook het geval bij velen op Aarde.
Vandaar al het lijden van de mensheid.
De mentale types krijgen of hebben vaak een weerzin tegen de matrix.
Dat is een valkuil.
En de astrale types willen de matrix liefhebben en er een hemel van
maken, wat ook onevenwichtig is, en het is bovendien onmogelijk.
Het allemaal liefhebben is moederlijk, het is astraal.
Het verwerpen van de realiteit van de matrix is het integere verstand
van de vader, mentaal.
Ze zijn beide waardevol en noodzakelijk.
De ‘oorlog’ die de vader aan de matrix verklaart dient
geen emotionele zaak te zijn, want als het dat wel wordt, dan verdwaalt
Adam. Het dient een zaak van onderscheidingsvermogen te zijn, zonder
lading, neutraal. Adam moet zijn zwaard des onderscheids hanteren
als een goed getrainde samoeraikrijger, zonder zich er om te bekommeren
of hij wint of verliest.
Maar als Adam de veelkoppige draak van samsara (de illusie) uit verlangen
probeert te verslaan, alleen maar gewapend met het zwaard des onderscheids,
dus zonder de onvoorwaardelijke acceptatie van wat er ook maar is,
dan zullen er alleen maar veel nieuwe koppen bij komen.
Adam kan niet zonder Eva’s liefdevolle acceptatie van de matrix
om zowel transcendent als immanent te worden, als God.
En Eva heeft natuurlijk de Adam in haarzelf nodig, het zwaard des
onderscheids en haar wilskracht, om in balans te komen.
Door het toepassen van zowel liefdevolle acceptatie als integer onderscheidingsvermogen
zullen we in de matrix min of meer in rust en evenwicht kunnen leven.
Dit is wat we kunnen doen zolang we nog in de periode zijn in afwachting
van de toekomstige Extase, die bestaat uit de Genade van Christus
die ontvangen wordt door de daarvoor gereed staande menselijke tempel.
|